HOOFDSTUK 137
IK BEN
In de mystieke tradities, van het oosten tot het westen, zijn er verhalen, technieken en getuigenissen van mensen die hun lichaam bewust hebben verlaten. Astrale projectie, uittredingservaringen, lucide dromen, of andere vormen van buitenlichamelijk bewustzijn – allemaal wijzen ze op de mogelijkheid dat bewustzijn niet gebonden is aan het fysieke lichaam. Maar wat betekent dit vanuit het perspectief van non-dualiteit, waarin er slechts Eén werkelijkheid is en waarin de afgescheiden persoon als illusie wordt beschouwd?
Om deze vraag te begrijpen, moeten we drie begrippen ontrafelen: wil, bewustzijn en de poging om het lichaam te verlaten.
De menselijke wil: schijnbare autonomie
In het dagelijks leven ervaren we onszelf als wezens met een wil: we willen iets, streven ernaar, en bereiken het soms. Deze ervaring van autonomie is diep verankerd in de conditionering van het ego. Toch is die 'wil' in non-duale zin geen eigendom van een afgescheiden entiteit. Hij is een beweging binnen het bewustzijn – net zoals gedachten, emoties en lichamelijke gewaarwordingen dat zijn.
Wanneer iemand zijn lichaam wil verlaten door middel van technieken – meditatie, ademhaling, slaapverlaging, visualisatie – dan lijkt dat een keuze van de wil. Maar de vraag rijst: wie wil dat eigenlijk? Is het het Zelf, of is het het ego dat op zoek is naar spirituele ervaring?
Bewustzijn: ongeboren, onbeperkt
Non-dualiteit wijst steeds terug naar dat wat voorafgaat aan elke ervaring: het pure, vormloze bewustzijn waarin alle ervaringen verschijnen. Dit bewustzijn is niet van iemand, het is universeel, ongeboren en vrij. Het heeft geen binnen of buiten, geen locatie en geen grens. Het lichaam verschijnt in bewustzijn – niet andersom. Daarom is het een misvatting om te denken dat 'ik', als lichaam, bewustzijn moet 'uittreden' om vrij te zijn. In feite is het de identificatie met het lichaam die de schijn van beperking oproept. Het bewustzijn is nooit binnen het lichaam geweest.
De poging het lichaam te verlaten
Wanneer een mens technieken gebruikt om bewust buiten het lichaam te zijn, kunnen er inderdaad ervaringen ontstaan: uittredingen, verplaatsing van waarneming, ontmoetingen in subtiele sferen. Deze ervaringen zijn vaak indrukwekkend, grensverleggend en kunnen helend of transformerend zijn. Maar ze blijven ervaringen – gebeurtenissen die komen en gaan binnen de ruimte van bewustzijn.
De gevolgen hiervan hangen af van de intentie en de mate van zelfherkenning. Indien iemand deze ervaringen opzoekt vanuit egoïsch verlangen – om te ontsnappen, om bijzonder te zijn, om controle te verwerven – dan kunnen er neveneffecten optreden: verwarring, spirituele trots, desoriëntatie, zelfs dissociatie. De wil wordt dan een instrument van afscheiding, niet van bevrijding.
Aan de andere kant: als deze ervaringen ontstaan in een bedding van overgave, meditatie en zelfonderzoek, kunnen ze juist helpen de identificatie met het lichaam verder los te laten. De mens beseft: “Ik ben niet dit lichaam, niet deze gedachten, niet deze wereld – ik ben dat waarin dit alles verschijnt.” Dan is het niet meer nodig om ergens 'anders' heen te gaan. De ervaring van non-lokalisatie ontstaat spontaan – niet als prestatie, maar als openbaring.
De paradox van streven en zijn
Hierin ligt de paradox. De mens die zijn lichaam probeert te verlaten, kan tijdelijk een ruimer bewustzijn ervaren – maar zolang de onderliggende identificatie met het ego intact blijft, wordt zelfs de subtielste spirituele ervaring opnieuw een bezit, een verhaal van het ‘ik’. Pas wanneer de wil zich ontspant en zich overgeeft aan het niet-weten, komt ware vrijheid in zicht. Niet omdat je iets buitens het lichaam bereikt hebt, maar omdat je ontwaakt bent tot wat je altijd al was: grenzeloos bewustzijn, hier en nu.
Slotbeschouwing
De poging om het lichaam te verlaten is begrijpelijk. Er is een diep verlangen in de mens om vrij te zijn van de begrenzing van vorm, tijd en lijden. Maar vrijheid ligt niet in het ontsnappen, noch in de prestatie van wil en techniek. Werkelijke vrijheid ligt in het herkennen dat jij het al bent – het bewustzijn waarin het lichaam verschijnt en verdwijnt, waarin dromen komen en gaan, waarin zelfs de dood slechts een andere verschijning is.
Laat de wil tot rust komen. Laat het streven oplossen. En ontdek: je hoeft nergens heen. Jij bent het – nu al.
Uit ervaring weet ik dat "wil" en "technieken" behulpzaam zijn bij het "achterlaten" van het lichaam. Intussen ervaar en weet ik , zoals ik boven al omschreef, dat het lichaam IN mij beweegt en niet andersom. Vanaf die tijd gebruik ik geen enkele techniek meer om mijn bewustzijn te verplaatsen omdat het mij gewoon overkomt nu. Ook als ik wandel of sport.Omdat wandelen , lezen, slapen en sporten en alles wat ik ervaar al bewustzijn IS. Kortom dat ben jij en ik. Het gevolg daarvan is dat ik geen dimensies meer ervaar of "hiernamalsen" met hun illusies van levens-overzichten en reincarnaties.Ik (wij) ben gewoon die ik ben!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten