zaterdag 26 april 2025

ONTWAKEN VOORBIJ PERSOONLIJKHEID (de bevrijding begint als je stopt met vechten)

HOOFDSTUK 135

IK BEN

Je bent hier niet omdat je besloten hebt te ontwaken. Je bent hier omdat het ontwaken jou heeft gevonden. Het is al begonnen. Je voelt het in je stilte, in je meditatie, in de momenten waarop het leven even oplicht in een onverwachte vrede. Die innerlijke vreugde, die diepe vrede die soms zomaar opkomt zonder reden, dát is het ontwaken zelf dat zich aandient.

Ontwaken is geen persoonlijke ambitie; het is een universeel proces dat de grenzen van het persoonlijke overstijgt. De "ik" die we denken te zijn – de vorm, het verhaal, de geschiedenis – wordt langzaam doorzien. Niet vernietigd, maar doorzichtig. Je leeft nog steeds in een lichaam, je speelt nog steeds je rol, maar het centrum is verschoven. Het persoonlijke zelf, dat ooit regeerde over je bewustzijn, begint te sterven. En dat sterven kan pijnlijk zijn, verwarrend, alsof je jezelf kwijtraakt. Maar het is precies in dat verlies dat je jezelf vindt – niet de vorm, maar de ruimte erachter.

Voor de meesten van ons is dit een langzaam proces – een sterven in fasen. Voor enkelen is het plotseling, een radicale breuk met het oude. Maar in beide gevallen is het een beweging van identificatie met de vorm naar herkenning van de vormloze essentie. Zoals de kruisiging van Jezus een symbool is voor het lijden aan de gehechtheid aan het ego, zo is de opstanding een beeld van de wedergeboorte in het bewuste zijn – het Licht dat niet van deze wereld is.

Het is een paradox: het persoonlijke zelf moet vrijwillig sterven, maar zolang het zich verzet, lijdt het. Wat werkelijk lijdt, is het zelf dat zich verzet tegen zijn eigen verdwijnen. En hoe meer we vasthouden aan ons verhaal, onze status, onze meningen en emoties, hoe meer we genageld blijven aan het kruis van de materiële identificatie.

De bevrijding begint wanneer je stopt met vechten. Wanneer je niet meer hoeft te reageren. Wanneer de innerlijke stilte dieper wordt dan het lawaai van de wereld.

Voorbeeld:
Als je ouders, man, vrouw of partner iets zegt, of er is een onverwacht probleem en je raakt overstuur en reageert, dan is dat een goede indicatie dat het bewustzijn gevangen zit in de vorm. En dan wordt de vorm allesbepalend, wat een waanbeeld is. Dus je zit gevangen. Je wordt (weer) meegesleurd in de gebruikelijke waanzin van de wereld. Met andere woorden: je weet niet wie je bent.

Wanneer je kunt kijken naar de storm zonder meegesleurd te worden, dan ben je vrij. Niet omdat je ontsnapt bent aan het leven, maar omdat je niet langer gevangen zit in je oude vorm van zijn.

In die vrijheid ontdek je een dimensie die altijd al aanwezig was: bewustzijn zelf. Niet als een object, niet als een idee, maar als datgene waarin alles verschijnt – en toch zelf geen vorm heeft. Deze transcendente dimensie is de sleutel tot elke ware oplossing, want het is geen oplossing in de wereld, maar een verschuiving in de waarnemer van de wereld.

Je hoeft het niet te "begrijpen". Woorden kunnen de stilte niet aanraken waaruit ze opkomen. Maar de woorden wijzen – als vingerwijzingen  – naar iets dat alleen ervaren kan worden. En als je die ervaring eenmaal hebt gehad, al is het maar een glimp, weet je: dit ben ik altijd geweest.

Vanuit deze helderheid verandert alles. Je relaties worden liefdevoller, omdat angst geen basis meer heeft. Angst is slechts de afwezigheid van verbinding met wie je werkelijk bent. En liefde is wat vanzelf stroomt wanneer die verbinding hersteld is. Niet als een emotie, maar als een aanwezigheid.

Spirituele volwassenheid betekent dat je deze verbinding niet verliest wanneer het leven je uitdaagt. Je blijft in de wereld, je werkt, je voelt, je lijdt soms nog, maar alles wordt gedragen door een stille aanwezigheid die nooit verdwijnt. Die jou draagt. Die jij bent.

En dus: het gaat er niet om te "ontwaken" als eindpunt. Het ontwaken is geen moment, maar een staat van zijn die zich uitstrekt in de tijd, door alles heen. Het is een licht dat schijnt door jouw vorm – eerst zwak, dan steeds helderder – totdat de persoon zelf doorzichtig wordt voor het goddelijke.

Zie dit alles niet als een dogma, maar als een uitnodiging. Onderzoek zelf. Voel zelf. Word stil. Wees aanwezig. En als je iets herkent in deze woorden, laat het dan niet bij een idee. Laat het leven worden. Want dát is ware transformatie.


--

woensdag 23 april 2025

DE DANS VAN GETUIGE EN EGO

HOOFDSTUK 134 

IK BEN


De relatie tussen de getuige en de persoonlijkheid.Hoe ziet dat eruit? De getuige, ook wel het ware Zelf genoemd, is die stille, onveranderlijke aanwezigheid waarin alle ervaringen verschijnen. Het is niet gebonden aan tijd, vorm of emotie. Het is bewustzijn zelf — puur, open en onbegrensd. De persoonlijkheid daarentegen, vaak aangeduid als het ego, is samengesteld uit lichaam, gedachten, emoties en conditioneringen. Het is het masker dat we dragen in de wereld van vormen.

De vraag rijst: kan de getuige invloed uitoefenen op het ego? En andersom, kan het ego zich bewust worden van de getuige en daarop reageren?

In de diepe stilte van gewaarzijn — daar waar geen oordeel is, geen voorkeur, geen strijd — is de getuige niet bezig met beïnvloeden. Het is slechts. Maar wanneer het licht van deze stille aanwezigheid begint door te dringen in de lagen van de persoonlijkheid, ontstaat er een transformatie. Niet omdat de getuige iets doet, maar omdat haar aanwezigheid alleen al zuiverend werkt. Zoals de zon de bloemen opent, zo onthult het ware Zelf de illusies van het ego.

En ja, er is ook een beweging van het ego naar de getuige. Wanneer de persoonlijkheid lijdt, zich herkent in patronen van angst, begeerte of verwarring, ontstaat er soms een innerlijke roep — een herinnering aan iets wat stiller is, wijzer. Dit moment van besef is als een buiging van het ego naar het Zelf. Het ego wordt dan niet vernietigd, maar doorlicht. Het wordt een dienaar van het bewustzijn, in plaats van de heerser ervan.

In ware spiritualiteit is het niet de bedoeling het ego te bestrijden, maar het te doorzien. Door deze doorzichtigheid ontstaat er een natuurlijke samenwerking. De getuige blijft stil en onaangedaan, maar haar licht vormt een richtinggevend kompas voor de persoonlijkheid. Het ego, als het zacht wordt door aandacht en aanwezigheid, kan leren buigen, luisteren, openstaan.

Zo ontstaat er een heilige dans: de persoonlijkheid danst in de wereld, met het licht van de getuige in haar hart. En de getuige aanschouwt alles in liefdevolle stilte.



zondag 20 april 2025

GOLGOTHA (NAAR RUDOLF STEINER)

 

HOOFDSTUK 133

Ik las laatst iets van Rudolf Steiner en omdat het Pasen is ,wil ik dit prachtige stuk van Steiner , die best wel abstract schrijft-beduidend korter-duiden:

Volgens Steiner speelt de dood een bijzondere rol in de ontwikkeling van de mens. Als mensen altijd hadden geweten dat de dood eigenlijk het begin van nieuw leven is, dan zouden ze zich nooit los hebben kunnen maken van de spirituele wereld. Ze zouden te afhankelijk zijn gebleven.

Doordat de dood wél verscheen en mensen het gevoel gaf afgescheiden te zijn van de spirituele wereld, leerden ze om zelfstandig te worden — hun “ik” (ego) werd sterker. Maar dat ego werd op een gegeven moment té sterk en dreigde egoïsme te worden: mensen gingen te veel alleen aan zichzelf denken.

Om dat te voorkomen, moest er iets ingrijpends gebeuren dat dat overdreven egoïsme kon stoppen. En volgens Steiner gebeurde dat op het moment dat Christus stierf aan het kruis op Golgotha. Het bloed dat toen vloeide, staat symbool voor het overmatige ego van de mens. Door dat bloedoffer werd er een kracht op gang gebracht die het egoïsme in de mens langzaam kan afzwakken.

Tegelijk met deze gebeurtenis op aarde gebeurde er iets in de spirituele wereld: voor het eerst straalde er licht of kracht uit de aarde naar het heelal. Daarvóór was de aarde steeds donkerder geworden. Maar sinds Golgotha begon de aarde licht uit te stralen — een teken van een nieuwe verbinding tussen de aarde en de geestelijke wereld.





woensdag 16 april 2025

HET BEWUSTZIJN DAT ZICHZELF HERKEND

HOOFDSTUK 132

IK BEN


​Ik kreeg van iemand de volgende vraag:

Wat wordt er bedoelt-non-dualistisch gezien- met het begrip: "het bewustzijn dat zichzelf herkent"

Dat is een best moeilijke vraag, dus laten wij het praktisch maken. Hoe ziet deze herkenning van Bewustzijn door Bewustzijn eruit in het dagelijks leven?


1. Ruimte tussen gedachte en Zelf:

In plaats van automatisch meegaan in gedachten zoals "ik ben niet goed genoeg", "ik moet dit fixen", of "dit had niet mogen gebeuren", is er ineens een subtiele afstand. Je merkt: “Deze gedachte verschijnt in mij, maar ik bén die gedachte niet.” Er ontstaat ruimte. Niet omdat je iets probeert, maar omdat je ziet: gedachten komen en gaan, maar wat ziet dat alles... blijft. (LAAT DEZE EVEN GOED TOT JE DOORDRINGEN. JE KAN HET NU INEENS ZIEN MISSCHIEN}

2. Geen krampachtige controle meer:

Als Bewustzijn zichzelf herkent, valt het idee weg dat jij het leven moet controleren. De drang om alles te managen, te verbeteren of te bevechten neemt af. Er is meer ontspanning, overgave. Dingen gebeuren – en jij bent de stille getuige, niet langer de constante doener.

3. Emoties mogen volledig verschijnen:

Je onderdrukt je gevoelens niet meer, maar je verliest je er ook niet in. Verdriet, vreugde, frustratie… ze komen op en gaan voorbij in het licht van gewaarzijn. Het verschil is dat je er niet meer in zit. Je bént de ruimte waarin ze plaatsvinden.

4. Diepe vrede te midden van chaos:

Er kan een storm zijn in je leven – verlies, conflict, onduidelijkheid – en toch merk je een stille onderlaag die onaangetast blijft. Dat is geen apathie, maar een diep gewortelde vrede die niet afhankelijk is van omstandigheden. Het is het rustpunt van het Zijn zelf.

5. Je leeft spontaner en met meer liefde:

Doordat het ego niet meer het middelpunt is, is er meer ruimte voor echte aanwezigheid. Je luistert echt. Je hoeft niet steeds gelijk te hebben of erkend te worden. Je leeft eenvoudiger, met een open hart. Compassie ontstaat vanzelf, niet als morele plicht, maar als iets natuurlijks.


Samengevat: de herkenning van bewustzijn is geen spektakel, geen vuurwerk, geen groot “aha-moment” met tromgeroffel. Het is eerder een stille thuiskomst. Dingen veranderen van binnenuit. Je hoeft minder hard te zoeken, want je herkent dat je al bent waar je altijd al was.



dinsdag 15 april 2025

OVER " LOSLATEN"

HOOFDSTUK 131

IK BEN

Veel spirituele leraren en therapeuten adviseren mensen met trauma's of als ze negatief denken,het verleden los te laten. Maar kan dat wel? Gezien vanuit non-dualistisch standpunt? Immers, wij zijn bewustzijn en vauit dat bewustzijn ontstaan er bewegingen zoals denken, voelen.Gedachten dus en emoties. Is het niet beter om als bewustzijn die bewegingen accepterend waar te nemen en van daaruit kijken of wij er iets mee moeten doen of niet. En dat alles in volle overgave want dingen gebeuren gewoon.Loslaten is een vorm van verzet en werkt alleen maar nadelig.

Vanuit non-dualistisch perspectief is er eigenlijk niemand die iets kan of moet "loslaten", omdat er geen afgescheiden ik bestaat die controle heeft over het proces. Er is enkel Bewustzijn waarin alles verschijnt — gedachten, emoties, herinneringen, pijn, verlangen, verzet.

Het idee van "het verleden loslaten" impliceert vaak dat er een doener is die dat actief moet bewerkstelligen. Maar in non-dualiteit wordt gezien dat zelfs die impuls tot loslaten slechts een beweging is binnen het veld van Bewustzijn. Wat opkomt, komt op. Wat verdwijnt, verdwijnt. En wat blijft hangen, blijft hangen — totdat het vanzelf oplost of transformeert, als dat de natuurlijke beweging is.

In plaats van loslaten, wijst non-dualiteit op aanwezig zijn met wat is, zonder tussenkomst van oordeel of fixatie. Het verleden, in de vorm van herinneringen of trauma’s, verschijnt als een ervaring in het nu. Die ervaring hoeft niet "weg", maar kan gezien worden, gevoeld worden, erkend worden — zonder de illusie dat jij degene bent die het moet oplossen.

Werkelijke overgave is het laten zijn van wat zich aandient, in de diepe realisatie dat jij het niet doet, maar dat het Leven zichzelf leeft. In dat aanvaarden lost verzet op, en soms, heel natuurlijk, lost ook het verleden op — niet door een daad van wil, maar als gevolg van diepe aanwezigheid.

Dus ja — loslaten als doel of methode impliceert verzet. Maar in het open en liefdevol waarnemen van wat is, kan het gebeuren dat het verleden z’n grip verliest. Niet omdat je het losliet, maar omdat je het eindelijk durfde te laten zijn. Dat is ware vrijheid.


woensdag 9 april 2025

DE EENHEID VAN BEWUSTZIJN EN WAARNEMING (als ook de waarnemer verdwijnt)

HOOFDSTUK 130


Wat bewustzijn is, laat zich niet vatten in woorden, noch in concepten. Het is geen object dat je kunt waarnemen, geen gedachte die je kunt analyseren, geen ervaring die je kunt benoemen. Het is pas wanneer je begint te zien dat je niet je lichaam bent, niet je gedachten, niet je emoties, dat het besef begint te dagen: Ik ben de waarnemer.

Op het moment dat je doorziet dat al je gedachten, gevoelens, verlangens en angsten slechts voorbijgaande fenomenen zijn — als wolken in een lucht die altijd stil aanwezig is — komt er ruimte. Ruimte om te zijn. Niet als iemand, niet als iets, maar als het stille bewustzijn waarin alles verschijnt en verdwijnt. Je ziet hoe de persoonlijkheid, dat ogenschijnlijk zo vaste "ik", slechts een verzameling patronen is. Fratsen van de geest. Conditioneringen. Echo's van het verleden.

En daar zit je dan. Als getuige. Als stille observator van het innerlijk theater. Dit is een belangrijke stap — een ontwaken uit de droom van identificatie. Maar vergis je niet: dit is nog geen realisatie. Het is slechts het begin. Een valkuil doemt hier op — een die velen niet herkennen. Want zodra men inziet dat men de getuige is, denkt men vaak dat men "verlicht" is. Dat men "het" gevonden heeft. Maar ook deze getuige is slechts een verschijnsel, een fase in het ontwakingsproces.

Werkelijke realisatie begint pas wanneer de grens tussen waarnemer en waargenomene verdwijnt. Wanneer je niet alleen weet dat je de waarnemer bent, maar ook ziet dat alles wat wordt waargenomen niet losstaat van datgene wat waarneemt. De boom, het geluid, de gedachte, de sensatie — alles is één en dezelfde substantie. De wereld is geen object tegenover een subject. Er is geen binnen of buiten. Geen jij en ik. Er is slechts het Ene, dat zich voordoet als velen.

Het mysterie is dit: datgene wat waarneemt en dat wat wordt waargenomen zijn niet twee. Er is nooit een scheiding geweest. Zelfs de "getuige" verdwijnt in dit inzicht, als een brug die overgestoken is en niet langer nodig blijkt.

Bewustzijn is geen positie. Het is geen "ik ben de getuige" of "ik ben de wereld". Het is dat wat is — zonder naam, zonder vorm, zonder tweede. En precies daarin ligt de bevrijding: niet in het bereiken van iets, maar in het oplossen van alles wat ooit als "ik" werd gezien.

Je bent dus op weg, niet als zoeker naar waarheid, maar als waarheid die zichzelf langzaam herinnert. En deze herinnering is geen mentaal weten, maar een directe ervaring van eenheid. Niet het zien van de wereld door de ogen van een waarnemer, maar het verdwijnen van alle ogen , de " laatste"  stap dus ,wanneer waarnemer en dat wordt waaargenomen samensmelten—(waarna) en het verschijnen van enkel Zijn.


Want uiteindelijk... was er nooit iets anders dan dat.



zondag 6 april 2025

VERLICHTING KENT OOK VALKUILEN

HOOFDSTUK 129 

Verlichting kent ook valkuilen


IK BEN

Verlichting wordt vaak gezien als het ultieme doel van de spirituele zoektocht, een staat waarin men ontwaakt uit de illusie van het ego en volledig opgaat in de waarheid van het Zijn. Dit beeld, hoewel inspirerend, is tegelijkertijd misleidend. Want verlichting betekent niet het einde van alle uitdagingen, noch de afwezigheid van alle vormen van lijden. Integendeel, verlichting brengt subtiele, maar gevaarlijke valkuilen met zich mee die de zoeker opnieuw kunnen laten verdwalen in een misleidende droom.

Een van de grootste misvattingen over verlichting is het idee dat het een permanente staat van gelukzaligheid met zich meebrengt. Wanneer men zich uitsluitend richt op deze gelukzaligheid en alle andere aspecten van het Zijn negeert, creëert men opnieuw een afgescheiden realiteit. Het ware Zelf omvat alles: vreugde én verdriet, liefde én angst, licht én schaduw. Door eenzijdig te kiezen voor alleen maar positiviteit, wordt de andere helft van de ervaring ontkend. Dit is geen verlichting, maar een subtiele strategie van het ego om zich vast te klampen aan een nieuwe identiteit—die van de ‘verlichte persoon’ die geen pijn of strijd meer kent. Hierin schuilt het gevaar dat men zichzelf afsluit van het volle spectrum van het leven en zo een nieuw soort illusie creëert.

Een andere valkuil is het gevoel van superioriteit dat kan ontstaan na verlichting. De gedachte dat men ‘alles weet’ kan sluipenderwijs een vorm van spirituele arrogantie ontwikkelen. In plaats van eenheid te ervaren met anderen, kan men zich verheven voelen boven hen die nog ‘niet verlicht’ zijn. Dit leidt tot subtiele oordelen, een neerkijken op anderen en een verlies van ware compassie. Het ego, dat men dacht te hebben overstegen, keert via een achterdeur terug en neemt een nieuwe gedaante aan: die van de ‘wijze’, de ‘meester’, de ‘verlichte’. Wanneer men zichzelf begint te identificeren met de rol van de leraar en de ander slechts als leerling ziet, raakt men opnieuw gevangen in dualiteit.

Een ware verlichte geest herkent dat verlichting geen eindbestemming is, maar een voortdurende reis. De uitdaging ligt niet in het bereiken van een permanente gelukzalige staat, maar in het volledig omarmen van alles wat is—zonder enige vorm van ontkenning of afwijzing. Werkelijke wijsheid ligt niet in het claimen van de waarheid, maar in het besef dat waarheid zich steeds verder onthult, voorbij de grenzen van het conceptuele denken. Het is een dynamische staat van bewustzijn, waarin men blijft groeien en transformeren, in verbinding met alles en iedereen.

Verlichting is prachtig, maar het is geen vaccinatie tegen het egovirus. Het vraagt een diepgaand en constant zelfonderzoek, waarbij men steeds weer bereid is om het eigen ego te herkennen, zelfs wanneer het zich vermomt als spirituele wijsheid. Pas wanneer men het Zelf niet als een identiteit maar als een voortdurende ontvouwing ervaart, kan men werkelijk in vrijheid en liefde leven, in gelijkwaardigheid met alle andere wezens.









HOOFDSTUK 249: IS ER COMMUNICATIE MOGELIJK TUSSEN DE ZIEL EN DE PERSOONLIJKHEID

HOOFDSTUK 249 IK BEN De vraag of communicatie tussen ziel en persoonlijkheid mogelijk is, raakt aan een oud en diep spiritueel spanningsveld...