woensdag 31 december 2025

HOOFDSTUK 225- EEN WERKELIJKHEID, VELE LAGEN VAN ZIEN

HOOFDSTUK 225

Door Kees Schilder

Er is slechts één werkelijkheid. Geen tweede, geen parallelle die er los van staat, geen fictieve ruimte die buiten het geheel valt. Alles wat bestaat, alles wat verschijnt, alles wat wordt ervaren, valt onvermijdelijk binnen die ene werkelijkheid. Het onderscheid dat mensen maken tussen “echt” en “niet echt” is geen eigenschap van de werkelijkheid zelf, maar een constructie van het menselijk bewustzijn zolang dit nog niet volledig ontwaakt is.

Wat mensen fantasie noemen, behoort net zo goed tot die ene werkelijkheid. Zodra iets het bewustzijn binnenstroomt, een beeld, een gedachte, een innerlijke scène, een droom , is het er al. Het heeft zich al gemanifesteerd, zij het niet in vaste materie maar in bewustzijn. En bewustzijn is geen bijzaak; het is het veld waarin alles verschijnt. In die zin is elke gedachte, elke verbeelding, elke fantasie een waarheid: niet noodzakelijk als tastbaar object, maar als reële ervaring binnen het geheel.

De onontwaakte mens zegt: “Ach, het is maar fantasie.” Met die uitspraak trekt hij een grens. Hij scheidt wat hij ziet met zijn innerlijk oog van wat hij ziet met zijn uiterlijke oog. Die scheiding lijkt vanzelfsprekend, maar zij is een gevolg van het ego — het mechanisme dat de werkelijkheid opdeelt om haar beheersbaar te maken. Wat niet vast te pakken is, wat niet door iedereen tegelijk wordt waargenomen, wordt gedegradeerd tot “niet echt”. Zo van; wat je niet " echt" kunt zien, bestaat niet.

Maar waarom zou een stoel echter zijn dan een gedachte? Waarom zouden kleren die je draagt meer bestaansrecht hebben dan een beeld dat in je opkomt? Beiden verschijnen in bewustzijn. Beiden zijn tijdelijk. Beiden zijn afhankelijk van waarneming. Het verschil zit niet in hun realiteit, maar in de manier waarop ze geïnterpreteerd worden.

Wie ontwaakt, ziet dit onderscheid langzaam oplossen. Niet omdat de wereld verdwijnt, maar omdat de blik verandert. Ontwaakte mensen kijken letterlijk met andere ogen, niet omdat hun ogen anders zijn, maar omdat hun identificatie verschoven is. Zij herkennen dat wat nog ongemanifesteerd is, zich aandient als licht, als energie, als potentie, en dat dit via de zintuigen en het brein wordt vertaald naar beelden, gevoelens en betekenissen. Ook wat “verbeelding” wordt genoemd, is een vorm van waarneming — een andere frequentie binnen dezelfde werkelijkheid.


Voor hen bestaat er geen harde grens meer tussen fantasie en werkelijkheid. Niet omdat alles willekeurig wordt, maar omdat alles wordt gezien als expressie van één veld. De innerlijke beelden zijn geen illusies, maar subtielere vormen van manifestatie. Ze zijn nog niet gestold tot materie, maar ze zijn al aanwezig als ervaring, als informatie, als beweging van bewustzijn.

Deze ontwaakte blik brengt een diepe verschuiving teweeg. Het leven wordt minder letterlijk en tegelijkertijd intenser. Symbolen spreken. Dromen worden boodschappen. Verbeelding wordt een poort in plaats van een ontsnapping. Niet om erin te verdwalen, maar om te herkennen dat de werkelijkheid rijker is dan wat het oog alleen kan registreren.

Uiteindelijk nodigt deze visie uit tot mildheid. Mildheid tegenover jezelf, wanneer gedachten opkomen die je niet kunt plaatsen. Mildheid tegenover anderen, die leven in een werkelijkheid die zij “fantasie” noemen omdat zij haar nog niet durven vertrouwen. En mildheid tegenover de werkelijkheid zelf, die zich in oneindig veel vormen toont , zichtbaar en onzichtbaar, gemanifesteerd en nog onderweg.

Er is één werkelijkheid. Alles wat verschijnt, behoort ertoe. En hoe meer we dat zien, hoe minder we hoeven te scheiden , en hoe vrijer onze blik wordt.

Tenslotte wens ik iedereen een super geweldig NU!

Liefs, Kees

zaterdag 27 december 2025

HOOFDSTUK 224-NA HET ONTWAKEN: DE STILLE HEMEL ACHTER DE GEDACHTEN

Hoofdstuk 224

Door Kees Schilder


Na het ontwaken valt er iets weg.

Niet de wereld, niet het leven,

maar het rumoer waarmee de geest zichzelf eeuwenlang heeft toegesproken.


Wat overblijft is ruimte.

Een open hemel waarin gedachten nog verschijnen,

maar hun gewicht hebben verloren.

Waar ooit zware wolken samenpakten tot storm,

drijven nu slechts lichte slierten voorbij.

Ze komen op, lossen op,

en laten geen spoor na.


De hemel zelf; het bewustzijn ,

blijft onaangeraakt, helder, onbewogen.

Voor de meeste mensen is denken een rivier

waarin zij onophoudelijk worden meegesleurd.

De stroom bepaalt richting, tempo en verhaal.


Maar hier is de oever teruggevonden.

Gedachten worden gezien,

niet meer geloofd.

Ze bezitten geen zwaartekracht meer,

geen recht op heerschappij.


In het dagelijks leven openbaart zich deze stilte

temidden van beweging.

Lopen door een bos,

wachten op een vliegveld,

rijden over een weg,

en toch: geen innerlijk commentaar,

geen voortdurende uitleg van het moment.

Alleen kleur, vorm, geluid, adem.

Het leven zoals het zich aandient,

zonder tussenkomst.


Wanneer een gedachte verschijnt,

is zij als een zachte tik op het oppervlak van het bewustzijn.

Een herinnering, een praktische aanwijzing,

een vluchtige notie,

en dan verdwijnt zij weer.

Geen drama, geen verhaal dat zichzelf voedt.

Geen strijd.


Soms probeert een gedachte opnieuw te hechten,

alsof zij herinnert aan een oud recht.

Op die momenten verdiept de aanwezigheid zich vanzelf.

De waakzaamheid wordt scherper,

het licht helderder.

Als een dimmer die omhoog wordt gedraaid,

tot de gedachte geen schaduw meer kan werpen.


In intense situaties wordt deze aanwezigheid vurig.

Niet hard, maar onverbiddelijk helder.

Een scherp zwaard van aandacht

dat het zaad van innerlijke onrust doorsnijdt

nog vóór het wortel kan schieten.

Zo wordt verdriet gezien zonder drama,

stress zonder verzet,

uitdaging zonder verlies van innerlijke rust.


Deze manier van zijn onthult een vergeten waarheid:

dat denken niet de kern van het mens-zijn is,

maar een tijdelijk verschijnsel.

Dat vrede geen resultaat is van controle,

maar van herkenning.

Gedachten zijn geen vijand ,

slechts wolken die voorbijtrekken

in een hemel die nooit verdwijnt.


Wie dit ziet, wordt uitgenodigd

niet om meer te begrijpen,

maar om minder vast te houden.

Om te rusten in dat wat al aanwezig is.

Daar, achter de woorden,

achter de verhalen,

blijft de stille hemel open ,

altijd vrij,

altijd hier.

dinsdag 23 december 2025

HOOFDSTUK 223- TWEE LAGEN VAN ZIEN:EEN BESCHOUWING OVER BEWUSTZIJN EN AANWEZIGHEID

HOOFDSTUK 224

Door Kees Schilder

Ik ben

Meestal beweegt onze aandacht naar buiten. We kijken naar een boom, luisteren naar een stem, voelen de wind op onze huid. De wereld verschijnt als een verzameling objecten die onze zintuigen vullen. Zelden staan we stil bij iets subtielers: dat er naast wat gezien wordt, ook datgene is wat ziet. Naast wat gehoord wordt, is er datgene wat hoort. Dit is het kerninzicht : dat het mogelijk is om tegelijk bewust te zijn van de waarneming én van het bewustzijn dat deze waarneming mogelijk maakt.

Dit ‘zelf’ is niet het persoonlijke verhaal, niet het psychologische of historische ik met zijn herinneringen en verwachtingen. Het is geen identiteit die gevormd is door verleden en ervaring. Het is het stille, aanwezige zijn dat voorafgaat aan elk denken. Het is niet iets wat je kunt bekijken zoals een object, maar het is datgene waarin elk object verschijnt. Wanneer dit wordt herkend, verschuift de ervaring van leven van uitsluitend naar buiten gericht, naar een gelijktijdige verankering in binnen en buiten.

In deze context wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen twee manieren waarop het denken kan wegvallen. De eerste is het ‘onder denken’ gaan: zoals bij diepe vermoeidheid, slaap of bij het gebruik van bepaalde middelen die het ego tijdelijk uitschakelen. In zulke toestanden verdwijnt het denken, maar ook de helderheid. Er is geen bewuste aanwezigheid; het bewustzijn zakt weg in een soort verdoving. Dit kan tijdelijk verlichting geven van mentale druk, maar het gaat gepaard met een afname van alertheid.

Daartegenover staat het ‘boven denken’ uitstijgen. Dit is geen verdoving, maar juist een verfijnde vorm van helderheid. Het denken mag stiller worden, maar het bewustzijn blijft wakker, open en aanwezig. Dit is wat wordt bedoeld met aanwezigheid: een ontspannen maar scherpe alertheid, zonder spanning, zonder inspanning. Het is een staat waarin het ego niet dominant is, maar het bewustzijn volledig beschikbaar blijft.

Om dit niet alleen te begrijpen maar ook te ervaren, wordt een eenvoudige oefening:. Kijk naar iets ; een mens, een object, een landschap , en wees je tegelijkertijd bewust van het feit dát je waarneemt. Niet alleen de boom die je ziet is belangrijk, maar ook het stille weten: ik ben me bewust van het zien. Op dat moment worden twee lagen zichtbaar: de inhoud van de ervaring en de ruimte waarin die inhoud verschijnt. Deze oefening onthult hoe gemakkelijk we normaal gesproken volledig opgaan in objecten en prikkels, en hoe zelden we contact houden met de bron van waarneming zelf.

In het dagelijks leven wordt dit zelfbewustzijn voortdurend onder druk gezet. Externe prikkels eisen onophoudelijk onze aandacht op: telefoons, schermen, meldingen, gesprekken. Deze versnippering van aandacht kan leiden tot een gevoel van innerlijke leegte, alsof men zichzelf kwijtraakt. 

Vooral digitale apparaten versterken dit proces. Ze trainen het bewustzijn in korte, gefragmenteerde aandachtsspannen en maken het moeilijk om langdurig aanwezig te blijven bij één ervaring, zoals het lezen van een boek of simpelweg stil zijn.

Hoewel technologie ook ondersteunend kan zijn , bijvoorbeeld via meditatie-apps ,let toch op voor afhankelijkheid. Hulpmiddelen kunnen een ingang zijn, maar het uiteindelijke doel is zelfstandigheid: het vermogen om zonder externe steun terug te keren naar een gecentreerde aanwezigheid. Bewustzijn is geen product dat geconsumeerd wordt, maar een vermogen dat geoefend en belichaamd kan worden.

Deze oefening van dubbele aandacht beperkt zich niet tot het zien. Elk zintuig kan een toegangspoort zijn. Bij het drinken van water kan men niet alleen de smaak ervaren, maar ook het bewustzijn dat de smaak waarneemt. Bij luisteren kan men niet alleen vogelgezang of stromend water horen, maar ook rusten in het luisteren zelf. Het bewustzijn blijft als het ware een stap terug, zonder afstandelijk te worden. Deze lichte afstand creëert ruimte: ruimte voor ontspanning én helderheid tegelijk.

In zeldzame maar diepgaande momenten kan deze open aandacht zich uitbreiden naar alle zintuigen tegelijk. Zien, horen, voelen, ruiken en proeven verschijnen gelijktijdig, gedragen door één bewustzijn. In zo’n ervaring ontstaat een diep gevoel van rust en centrering, alsof men geworteld is in een stille kern. Dit wordt beschreven als een innerlijk punt van rust en stilte, onafhankelijk van gedachten en externe omstandigheden. Geen verdoving, geen vlucht, maar een volledig aanwezig zijn in het leven zoals het zich aandient.

De kernboodschap is helder: innerlijke rust en mentale helderheid ontstaan niet door minder waarnemen, maar door vollediger bewust zijn. Door zowel de wereld als het bewustzijn zelf te omvatten, ontstaat een staat van ontspannen alertheid die wezenlijk verschilt van slaap, verdoving of afleiding. In een tijd waarin aandacht steeds verder wordt opgeëist en versnipperd, is het cultiveren van deze dubbele aandacht geen luxe, maar een noodzakelijke vorm van innerlijke zorg.

Zo nodigt deze benadering ons uit om terug te keren naar wat altijd al aanwezig is: het stille, open zijn waarin elk moment verschijnt. Niet als ontsnapping aan het leven, maar als een diepere, vrijere manier om het volledig te bewonen.

vrijdag 19 december 2025

HOOFDSTUK 222- ZIJN ZONDER NAAM

 Zijn zonder Naam


Er is iets in ons

dat geen vorm heeft,

geen titel,

geen verhaal dat je kunt vasthouden.

Het noemt zichzelf soms ik,

maar dat woord is slechts een golf

die even oplicht

aan het oppervlak van iets oneindig diepers.


Het ik is geen bezit.

Geen kern die je kunt vinden

als je maar diep genoeg graaft.

Het is beweging,

een trilling van herkenning,

een gewoonte van zeggen: dit ben ik.

Maar gevoelens komen en gaan

zoals wolken langs een open hemel.

De hemel zelf beweegt niet.


Zijn is die hemel.

Het stille weten waarin vreugde verschijnt,

waarin angst opkomt en weer verdwijnt,

zonder sporen achter te laten.

Het zijn hoeft niets vast te houden

om aanwezig te blijven.


Gedachten komen als bezoekers.

Ze kloppen niet aan,

ze gaan niet netjes weer weg.

Ze verschijnen, praten tegen zichzelf

en lossen op in stilte.

Toch is er iets dat al die tijd blijft kijken.

Zelfs wanneer het denken zwijgt,

is dat kijken er nog.

Dat is wat jij bent

nog vóór elk verhaal over wie jij denkt te zijn.


Verlichting is geen kroon

die je ooit opgezet krijgt.

Geen moreel eindpunt,

geen perfecte staat zonder barsten.

Het is het moment

waarop het idee van afgescheidenheid

stil uiteenvalt.

Wanneer niemand meer tegenover het leven staat,

maar het leven zichzelf leeft,

ongebroken, ongeknipt.


Het ego wil vasthouden.

Aan emoties,

aan controle,

aan zekerheid.

Het fluistert dat angst persoonlijk is,

dat jaloezie van jou is,

dat verdriet jouw fout is.

Maar emoties zijn oude bewegingen

van lichaam en wereld,

golven van conditionering

die niemand toebehoren.

Wie ze probeert te bezitten,

draagt ze zwaarder dan nodig.


Vrijheid is geen overwinning.

Het is het neerleggen van de strijd.

Niet iets nieuws verkrijgen,

maar stoppen met knijpen.

Wanneer identificatie ontspant,

verdwijnt emotie vanzelf

zoals een echo uitdooft

in een lege ruimte.


Relaties ademen in dit veld.

Er is een natuurlijke behoefte

aan ruimte

en een even natuurlijke honger

naar nabijheid.

Wanneer geen van beide vastgezet wordt,

ontstaat verbinding zonder gevangenis,

alleenheid zonder isolatie.

Maar wie leeft in morgen en later,

mist de open deur van dit moment.


Ook doelen kunnen vluchtroutes zijn.

Zelfs spirituele.

Het najagen van ‘meer’

kan een subtiele weigering zijn

om hier te zijn.

De leegte die we vrezen

blijkt geen afgrond,

maar ruimte.

En in die ruimte

ontstaat handelen zonder duwen,

bewegen zonder verlangen.


Aanwezigheid vraagt geen speciale houding.

Ze is er

tijdens afwassen,

tijdens werken,

tijdens spreken en zwijgen.

Het leven hoeft niet anders te zijn

voordat het mag gebeuren.

Het gebeurt al.


Uitstel is vaak angst vermomd als planning.

Het ego dat denkt

dat controle veiligheid is.

Maar wanneer vertrouwen wordt toegelaten,

valt de druk weg

en ontvouwt de tijd zichzelf.


Volwassenheid is geen hardheid.

Het is de bereidheid

om het leven te laten zijn

zoals het komt ,

met problemen,

met breekbaarheid,

met herstel.

Niet alles hoeft opgelost

voordat het geleefd mag worden.


En zo blijft er iets eenvoudigs over.

Geen groot inzicht,

geen verheven staat.

Alleen dit:

leven dat zichzelf herkent,

zonder naam,

zonder centrum,

volledig aanwezig

in wat nu is.

zondag 14 december 2025

HOOFDSTUK 221- BESCHOUWING: WANNEER DE STRIJD OPLOST

HOOFDSTUK 221

Door Kees Schilder

Ik ben


Iedereen wil heersen.

Niet uit kwaadwilligheid,

maar uit angst om te verdwijnen.

Het ego fluistert: word groter, word sterker, neem ruimte in ,

en zo reikt het zijn handen uit,

naar geliefden, naar kinderen, naar vrienden,

niet om vast te houden, maar om te kneden.


En wanneer twee ego’s elkaar ontmoeten,

ontstaat geen dialoog maar een botsing.

Niet omdat de ander fout is,

maar omdat niemand luistert.

De strijd wordt geboren in onbegrip,

gevoed door de overtuiging

dat vrede iets is wat gewonnen moet worden.


Maar er komt een moment ,

stil, nauwelijks merkbaar ,

waarop het zien begint.

Je herkent het spel.

Je ziet hoe ieder probeert te domineren,

zoals golven proberen het strand te bezitten.

En ineens hoef je niet meer mee te doen.


Je laat het los.


Niet uit opgave,

maar uit helderheid.

Je begrijpt:

ik kan de ander niet bevrijden,

ik kan alleen ophouden mezelf gevangen te houden.

Hun strijd is hun leraar.

Waarom zou ik hun les dragen als mijn last?


Wanneer jij niet langer wilt overheersen,

vindt de strijd geen bedding meer.

Wat geen tegenstand ontmoet,

verliest zijn kracht.

Wat niet wordt gevoed,

valt stil.


En in die stilte gebeurt iets zachts.

De ruimte die vrijkomt,

wordt gevuld met aanwezigheid.

Met adem.

Met een liefde die niets eist.


Dan ontdek je:

vrijheid is geen overwinning,

maar een terugkeer.

Een thuiskomen in dat stille midden

waar niets hoeft te veranderen

om heel te zijn.



vrijdag 12 december 2025

HOOFDSTUK 220- WIE LEERT LUISTEREN ZONDER BEDOELING, ONTDEKT DAT HET ONBEKENDE ALTIJD AL NABIJ WAS

Hoofdstuk  220

Door Kees Schilder

Ik ben

De mens is geneigd om betekenis te zoeken in woorden, verklaringen en interpretaties. We willen begrijpen, benoemen en vastleggen wat we ervaren. Toch zijn er momenten waarop het leven ons uitnodigt om juist te stoppen met zoeken naar betekenis en eenvoudigweg aanwezig te zijn. De ervaring van , bijvoorbeeld,  het zitten bij een waterval is zo’n moment. Of gewoon zitten in een park tegen een boom in de vroege ochtend. 

Een waterval of een boom spreekt niet in taal. Hij geeft geen antwoorden, geen richting, geen verklaringen. En toch communiceert hij. In zijn voortdurende stroom ligt een boodschap die niet gedacht kan worden, alleen ervaren. Wie bij een waterval zit en luistert, merkt al snel dat luisteren hier niet betekent: analyseren of interpreteren. Luisteren betekent stil worden. Het is een vorm van overgave aan wat zich aandient, zonder tussenkomst van het denken.

Wanneer we werkelijk luisteren, verandert er iets in ons. De innerlijke dialoog verstomt langzaam. Gedachten verliezen hun urgentie. Wat eerst onrustig en vol was, wordt leeg en open. In die leegte ontstaat rust. De mens wordt als een tempel: een stille ruimte waarin iets groters kan binnentreden. Niet omdat het wordt opgeroepen, maar omdat er ruimte voor is gemaakt. Het onbekende, dat wat niet benoemd kan worden, komt vanzelf binnen.

Deze ervaring beperkt zich niet tot de waterval of het zachte geruis van bladeren aan een boom. De zang van vogels, het ruisen van de wind door de bomen, het zachte geluid van bladeren die over de grond worden gedragen , zij allen dragen dezelfde uitnodiging in zich. Ze vragen niets van ons, behalve aandacht. Geen inspanning, geen begrip, geen reactie. Alleen luisteren.

In dat eenvoudige luisteren openbaart zich een diepe waarheid: het leven hoeft niet verklaard te worden om ervaren te kunnen worden. Wanneer we stoppen met interpreteren, ontmoeten we de werkelijkheid direct. Dan zijn we niet langer afgescheiden toeschouwers, maar deel van wat zich ontvouwt.

Spirituele verdieping ligt daarom niet in het verzamelen van inzichten, maar in het vermogen om stil te worden. In die stilte wordt het leven hoorbaar, niet als een boodschap in woorden, maar als een aanwezigheid die alles doordringt. Wie leert luisteren zonder bedoeling, ontdekt dat het onbekende altijd al nabij was.

woensdag 10 december 2025

HOOFDSTUK 219- MEDITATIEVE BESCHOUWING OP RELIGIES

 

Hoofdstuk  219

Door Kees Schilder

Ik ben


Er waait een stille leegte door de moderne wereld ;

een leegte niet van gebrek, maar van vergeten.

Miljoenen dwalen door een landschap van schermen, meningen en verlangens,

zonder te merken dat de deur naar het heilige

langzaam achter hen is dichtgevallen.


Religies, ooit zachte poorten naar het onuitsprekelijke,

zijn vaak verstard tot muren.

Wat bedoeld was om het hart te openen,

wordt nu gebruikt om grenzen te trekken,

om te benoemen wie binnen hoort en wie buiten valt.

Het menselijke ego heeft heilige woorden tot vlaggen gemaakt,

en iedere vlag heeft een schaduw.


Toch, tussen de barsten van deze oude structuren

schemert er nog licht.

In een vergeten gebed, een onverwachte stilte,

of in een eenvoudig moment ,

een bloem die opent in de ochtendwind ,

kan de ziel haar eigen herinnering voelen trillen.

De waarheid die nooit gestorven is,

fluistert nog.


Het kruis, dat zwaar beladen symbool,

draagt in zijn hout de geheimen van overgave.

Wie zijn lijden niet langer wegduwt,

maar het zacht in handen neemt,

kan zichzelf vinden in de schaduw van die gekruisigde.

Daar, waar alle weerstand smelt,

breekt een andere ruimte open.

Lijden wordt dan niet de vijand,

maar de deur waardoor een mens zichzelf ontwaakt.


In het oosten spreekt Boeddha over dukkha,

over het brandpunt van pijn dat,

wanneer het helder wordt aanschouwd,

licht uitdraagt.

In het westen sterft een man aan een kruis

en ademt opnieuw.

Twee dromen, één waarheid:

transformatie bloeit waar het hart niet langer vlucht.


Maar de mens van deze tijd ,

moe van dogma’s, wars van oude beelden ,

keert zich vaak af van religie

als van een kinderlijke fabel.

In dat afwijzen verdwijnt echter ook

dat kleine, stille wonder

dat achter woorden en rituelen verborgen lag.

We gooien het heilige weg

omdat de verpakking ons niet meer past.


En zo drijven velen af in een wereld

die alles biedt behalve diepgang,

waar verlangens ritselen als plastic zakken in de wind

en bewustzijn wordt begrensd door consumptiedromen

en ideologische echo’s.


Maar altijd blijft er een rest,

een minderheid die door het lawaai heen luistert.

In hen herinnert iets zich het ongeboren licht,

iets dat nooit verloren is gegaan.

Voor hen is religie geen eindstation

maar een boot op een rivier;

soms bruikbaar, soms te zwaar om verder te dragen.


Spiritueel ontwaken hoeft geen geloof,

geen tempel, geen leer.

Het vraagt slechts één ding:

een bereidheid om te zien wat werkelijk is,

om te voelen wat gevoeld moet worden,

om stil te vallen in wie je altijd al was.


De wereld mag dan het heilige vergeten zijn,

maar het heilige vergeet de wereld niet.

Het wacht in de tussenruimte van gedachten,

in de adem tussen twee woorden,

in de ogen van iemand die luistert zonder oordeel.


Voor wie de moed heeft

om de binnenweg opnieuw te betreden,

ligt de toegang nog altijd open ,

onzichtbaar, maar onuitputtelijk.

Een deur niet van hout of steen,

maar van aanwezigheid.

Een deur die opent

wanneer we ophouden te zoeken

en eindelijk beginnen te zijn.



maandag 8 december 2025

HOOFDSTUK 218-DE WEG VOORBIJ HET ENE

Hoofdstuk 218

Door Kees Schilder 

Ik ben


Hoewel alle dualiteiten voortkomen uit het Ene, hecht jezelf  zelfs dan niet aan dit Ene.

Dit is geen ontkenning van de eenheid die aan alle dingen ten grondslag ligt; het Ene als bron, als oerstilte, als grond van bestaan. Het is eerder een waarschuwing: zelfs het hoogste inzicht kan een subtiele vorm van gehechtheid worden. Zodra het Ene een concept wordt waar we ons aan vastklampen, wordt het opnieuw onderdeel van de dualiteit die we wilden overstijgen.

In veel spirituele tradities wordt dit beschreven als het vasthouden aan leegte of gevangen raken in het idee van verlichting. Het Ene is niet bedoeld als nieuw houvast maar als ruimte waarin alle verschijnselen kunnen verschijnen en vergaan. Werkelijke vrijheid betekent daarom: elke fixatie loslaten, inclusief die op eenheid of bewustzijn zelf.

De weg naar verlichting; de innerlijke stroom, de levende werkelijkheid van dit moment , is geen pad dat we volgen, maar een manier van zijn. Een geest die op dat pad leeft, beweegt zonder weerstand, zoals water dat vanzelf zijn vorm vindt.

“Innerlijke weerstand” ontstaat alleen wanneer de geest zich verzet tegen wat is:

-tegen veranderingen

-tegen emoties

-tegen mensen

-tegen omstandigheden

Maar een geest die niet verstoord raakt, ziet dat alles wat verschijnt deel is van dezelfde stroom. Niet omdat het per se aangenaam of spiritueel is, maar omdat het simpelweg is. Vanuit die helderheid verliest de wereld haar macht om te kwetsen, te irriteren of te verwarren.

Het is niet dat de wereld verandert; de relatie van de geest tot de wereld verandert.

De wereld houdt op te bestaan op de oude manier


En wanneer iets niet langer weerstand ondervindt, houdt het op te bestaan op de oude manier.

Dit betekent niet dat objecten, situaties of mensen letterlijk verdwijnen, maar dat hun psychologische functie anders wordt. Wat vroeger een probleem, bedreiging of bron van lijden was, wordt nu slechts een verschijnsel dat komt en gaat.

Wanneer de innerlijke weerstand verdwijnt:

-verliest woede zijn brandstof

-verliest angst zijn greep

-verliest oordeel zijn vanzelfsprekendheid

-verandert lijden in ervaring

-verandert ervaring in inzicht

De wereld blijft bestaan, maar de wereld zoals jij die interpreteerde, projecteerde of vreesde, sterft weg.

Het is een subtiele doch radicale verschuiving: niet de werkelijkheid verandert, maar de waarnemer. En in die verandering transformeert de werkelijkheid mee.

Dit nodigt uit tot een spirituele ontspanning die dieper reikt dan het zoeken naar eenheid of het vermijden van dualiteit. Het wijst naar een staat waarin zelfs de hoogste spirituele begrippen worden losgelaten, zodat de geest zonder hindernis kan samenvallen met de Weg/pad.

Wanneer niets ons meer innerlijk kan raken op de oude manier, wordt de wereld nieuw, niet door haar eigen transformatie, maar door de bevrijding van onze blik.

In dat bevrijde zien lost de oude werkelijkheid op, en verschijnt iets dat altijd al aanwezig was: stilte, openheid, en de ongehinderde stroom van Zijn.

woensdag 3 december 2025

HOOFDSTUK 217-WAAR GEDACHTEN FLUISTEREN EN STILTE ADEMT

Hoofdstuk 217

Door Kees Schilder


Ik ben


Soms breekt een gedachte als een schril licht door het weefsel van de dag;

scherp, ongevraagd, geladen met een stroom die je nauwelijks kunt vasthouden.

Het leven beweegt zich dan door je heen met een intensiteit die je niet koos,

maar die je wel wordt gegeven.


En juist daar, in die onverwachte beroering, ligt een stille uitnodiging:

niet om te vluchten, niet om te vechten,

maar om te blijven.

Om je voeten te zetten in de zachte grond van aanwezigheid,

waar elke gedachte mag binnenkomen als een reiziger

en weer mag vertrekken zonder dat jij de deur dichtslaat.


Angst, twijfel, bezorgdheid;

ze kloppen niet aan om beoordeeld te worden,

maar om gezien te worden.

Wanneer we hun stemmen proberen te smoren,

spannen we de snaren van ons eigen hart aan

tot ze gaan trillen van vermoeidheid.


Maar als we zachtjes zeggen:

“Kom maar, ik luister,”

valt de kramp uiteen.

Dan herinneren we ons dat we mens zijn;

een ademend, kwetsbaar schepsel

dat niet bedoeld is om altijd onwankelbaar te zijn.


Onze geest is een dichter op hol,

een verhalenschrijver die van elke fluistering ,elke gedachte

een episch drama kan maken.

Een beeld wordt een scène,

een emotie een voorspelling,

een gedachte een storm.


Maar wanneer we dit spel doorzien,

wanneer we de draad van de vertelling in onze handen nemen

en een stap achteruit doen,

zakt de storm ineen tot een enkele wolk

die door de lucht drijft.

We worden dan niet langer

het personage in het verhaal,

maar de stille getuige die het verhaal ziet ontstaan.


Gedachten rijzen op uit een onpeilbare diepte;

een oceaan van herinneringen, indrukken en vergeten dromen.

Sommige prikken als distels,

andere strelen langs ons heen als zachte wind.

Ze zijn niet “van ons”,

maar bewegen door ons zoals vogels door de lucht bewegen.


Pijn en verlies behoren tot dezelfde stroom.

Ze zijn geen vergissing, geen fout in de kosmos,

maar de andere zijde van het hart

dat zich opent voor vreugde.


Lijden ontstaat wanneer we grijpen,

wanneer we zeggen: “Dit mag niet, dit moet anders.”

Maar het leven houdt zich niet aan onze blauwdrukken.

Het onthult zich op eigen wijze,

in patronen die wij nooit volledig kunnen zien.


Wanneer we onze handen openen,

wanneer we de greep loslaten,

vloeit het verzet weg als water uit een gesloten vuist.

Dan blijft alleen het moment over;

naakt, echt, en verrassend draaglijk.


Onze pijn is geen absolute waarheid.

Wat voor de één een breuk is,

is voor de ander een deur.

Dit besef maakt het hart lichter:

geen enkel verhaal is definitief.

Geen enkele gedachte is de bodem van wie we zijn.


En midden in het geworstel,

te midden van alles wat we verliezen of vrezen,

is er altijd ook dat andere:

adem, licht, zachtheid,

de simpele rijkdom van bestaan.


Gedachten zullen blijven komen,

emoties zullen blijven fluisteren,

en het leven zal blijven bewegen

in haar golfslag van vreugde en pijn.


Maar jij;

jij kunt leren rusten in dat stille centrum

waar alles mag verschijnen

en niets hoeft te blijven.


In die ruimte wordt lijden doorzichtig,

wordt het hart zacht,

wordt het leven een open veld

waarop elke ervaring even welkom is.


Daar,

waar stilte ademt en gedachten oplossen,

begint echte vrijheid.



HOOFDSTUK 249: IS ER COMMUNICATIE MOGELIJK TUSSEN DE ZIEL EN DE PERSOONLIJKHEID

HOOFDSTUK 249 IK BEN De vraag of communicatie tussen ziel en persoonlijkheid mogelijk is, raakt aan een oud en diep spiritueel spanningsveld...