HOOFDSTUUK 164
Door Kees Schilder
IK BEN
"De grote massa leidt een leven van stille wanhoop.", hoorde ik een wijs iemand zeggen. en ik moet toegeven;deze indringende uitspraak komt mij bekend voor. In onze moderne wereld, vol prikkels, prestaties en permanente verbondenheid, schuilt een stille wanhoop onder het oppervlak van ons dagelijks bestaan. Mensen lopen vast in sleur, in rollen die niet bij hen passen, in de zoektocht naar geluk buiten zichzelf. Het is een wanhoop die zelden wordt uitgesproken — omdat ze te alledaags, te normaal is geworden.
Maar deze stille wanhoop hoeft niet het lot te zijn van de massa. Wat als er een mogelijkheid bestaat tot een radicaal andere manier van ervaren, van leven — niet door iets toe te voegen, maar juist door iets te laten vallen?
De wanhoop waar we het over hebben is niet noodzakelijk dramatisch of theatraal. Het is de subtiele vorm van innerlijke onvrede, van het gevoel dat "er iets ontbreekt", dat "het leven meer zou moeten zijn dan dit". Het is de automatische piloot van het bestaan, de constante identificatie met gedachten, emoties, bezit, en een gefabriceerd zelfbeeld.
De kern van deze wanhoop ligt in de overtuiging dat we afgescheiden zijn — van elkaar, van de wereld, van het leven zelf. We leven in de illusie dat we een ik zijn dat losstaat van alles, dat strijdt om te overleven in een vijandige wereld. Deze afgescheidenheid is de basis van angst, begeerte, strijd en — uiteindelijk — wanhoop.
Ik heb het al vaker benoemd en zal dat ook blijven doen, want herhaling is herkenning en kan ineens een verschuiving van bewustzijn betekenen voor iemand. En daar gaat het mij om.
En wanneer er een verschuiving in bewustzijn plaatsvindt, kan het zomaar zijn dat je het ineens ziet, inziet en volledig dóórziet. Dat je in een flits een radicale andere kijk wordt geboden: namelijk; dat de afgescheiden ik een illusie is. Er is niet een ik dat leeft in de wereld — er is alleen Leven zelf, waarin gedachten over een ik verschijnen.
Dit inzicht is geen intellectuele conclusie, maar een directe ervaring. Op het moment dat het ego — het denkbeeldige centrum van controle en identiteit — doorzien wordt, valt de last van afgescheidenheid weg. Wat overblijft is een diepe vrede, een moeiteloze aanwezigheid die er altijd al was, maar die verduisterd werd door identificatie met het denken.
Bewustzijnsverandering betekent hier niet het worden van een "beter" mens, maar het herkennen van wat je altijd al was vóór elke gedachte, elke rol, elke inspanning: puur gewaarzijn, onpersoonlijk en vrij.
---Hoe het leven verandert door bewustzijnsverschuiving
Wanneer de identificatie met het ego afneemt, verandert ook de ervaring van het dagelijks leven. De stille wanhoop maakt plaats voor een stille vreugde — niet uit opwinding of prestatie, maar uit zijn. De drang om te worden maakt plaats voor de vrede van zijn.
Enkele transformaties die kunnen plaatsvinden:
1. Van moeten naar moeiteloosheid: Activiteiten worden niet langer gedaan vanuit een gevoel van tekort of plicht, maar vanuit spontane expressie.
2. Van angst naar vertrouwen: Wanneer er geen afgescheiden ik is om te beschermen, verdwijnt de basis voor existentiële angst.
3. Van isolatie naar verbondenheid: De scheidslijn tussen 'ik' en 'de ander' vervaagt. Liefde wordt geen gevoel, maar een vanzelfsprekende staat van zijn.
4. Van controle naar overgave: Het besef groeit dat het leven zichzelf leeft. Overgave is geen passiviteit, maar een diepe intelligentie die spontaan handelt zonder egoïsche tussenkomst.
Een collectieve verschuiving?
Hoewel deze ontwaking individueel plaatsvindt, heeft ze een diepgaand effect op de collectieve ervaring. Hoe meer mensen zichzelf herkennen als Bewustzijn, hoe minder de samenleving gedreven wordt door angst, competitie, en materiële identificatie. Het zou het begin kunnen zijn van een nieuw menselijk tijdperk — niet gebouwd op ideologieën of systemen, maar op directe ervaring van eenheid.
Tot slot: de stilte horen vóór de wanhoop
De weg uit de stille wanhoop begint niet met actie, maar met stil zijn. Niet de stilte van onderdrukking, maar de stilte waarin gedachten tot rust mogen komen. In die stilte wordt iets ontdekt wat nooit verloren was: het tijdloze, stille Bewustzijn dat we zijn.
En dan blijkt: het leven was nooit wanhopig — alleen het ik dat we dachten te zijn.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten