dinsdag 23 december 2025

HOOFDSTUK 223- TWEE LAGEN VAN ZIEN:EEN BESCHOUWING OVER BEWUSTZIJN EN AANWEZIGHEID

HOOFDSTUK 224

Door Kees Schilder

Ik ben

Meestal beweegt onze aandacht naar buiten. We kijken naar een boom, luisteren naar een stem, voelen de wind op onze huid. De wereld verschijnt als een verzameling objecten die onze zintuigen vullen. Zelden staan we stil bij iets subtielers: dat er naast wat gezien wordt, ook datgene is wat ziet. Naast wat gehoord wordt, is er datgene wat hoort. Dit is het kerninzicht : dat het mogelijk is om tegelijk bewust te zijn van de waarneming én van het bewustzijn dat deze waarneming mogelijk maakt.

Dit ‘zelf’ is niet het persoonlijke verhaal, niet het psychologische of historische ik met zijn herinneringen en verwachtingen. Het is geen identiteit die gevormd is door verleden en ervaring. Het is het stille, aanwezige zijn dat voorafgaat aan elk denken. Het is niet iets wat je kunt bekijken zoals een object, maar het is datgene waarin elk object verschijnt. Wanneer dit wordt herkend, verschuift de ervaring van leven van uitsluitend naar buiten gericht, naar een gelijktijdige verankering in binnen en buiten.

In deze context wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen twee manieren waarop het denken kan wegvallen. De eerste is het ‘onder denken’ gaan: zoals bij diepe vermoeidheid, slaap of bij het gebruik van bepaalde middelen die het ego tijdelijk uitschakelen. In zulke toestanden verdwijnt het denken, maar ook de helderheid. Er is geen bewuste aanwezigheid; het bewustzijn zakt weg in een soort verdoving. Dit kan tijdelijk verlichting geven van mentale druk, maar het gaat gepaard met een afname van alertheid.

Daartegenover staat het ‘boven denken’ uitstijgen. Dit is geen verdoving, maar juist een verfijnde vorm van helderheid. Het denken mag stiller worden, maar het bewustzijn blijft wakker, open en aanwezig. Dit is wat wordt bedoeld met aanwezigheid: een ontspannen maar scherpe alertheid, zonder spanning, zonder inspanning. Het is een staat waarin het ego niet dominant is, maar het bewustzijn volledig beschikbaar blijft.

Om dit niet alleen te begrijpen maar ook te ervaren, wordt een eenvoudige oefening:. Kijk naar iets ; een mens, een object, een landschap , en wees je tegelijkertijd bewust van het feit dát je waarneemt. Niet alleen de boom die je ziet is belangrijk, maar ook het stille weten: ik ben me bewust van het zien. Op dat moment worden twee lagen zichtbaar: de inhoud van de ervaring en de ruimte waarin die inhoud verschijnt. Deze oefening onthult hoe gemakkelijk we normaal gesproken volledig opgaan in objecten en prikkels, en hoe zelden we contact houden met de bron van waarneming zelf.

In het dagelijks leven wordt dit zelfbewustzijn voortdurend onder druk gezet. Externe prikkels eisen onophoudelijk onze aandacht op: telefoons, schermen, meldingen, gesprekken. Deze versnippering van aandacht kan leiden tot een gevoel van innerlijke leegte, alsof men zichzelf kwijtraakt. 

Vooral digitale apparaten versterken dit proces. Ze trainen het bewustzijn in korte, gefragmenteerde aandachtsspannen en maken het moeilijk om langdurig aanwezig te blijven bij één ervaring, zoals het lezen van een boek of simpelweg stil zijn.

Hoewel technologie ook ondersteunend kan zijn , bijvoorbeeld via meditatie-apps ,let toch op voor afhankelijkheid. Hulpmiddelen kunnen een ingang zijn, maar het uiteindelijke doel is zelfstandigheid: het vermogen om zonder externe steun terug te keren naar een gecentreerde aanwezigheid. Bewustzijn is geen product dat geconsumeerd wordt, maar een vermogen dat geoefend en belichaamd kan worden.

Deze oefening van dubbele aandacht beperkt zich niet tot het zien. Elk zintuig kan een toegangspoort zijn. Bij het drinken van water kan men niet alleen de smaak ervaren, maar ook het bewustzijn dat de smaak waarneemt. Bij luisteren kan men niet alleen vogelgezang of stromend water horen, maar ook rusten in het luisteren zelf. Het bewustzijn blijft als het ware een stap terug, zonder afstandelijk te worden. Deze lichte afstand creëert ruimte: ruimte voor ontspanning én helderheid tegelijk.

In zeldzame maar diepgaande momenten kan deze open aandacht zich uitbreiden naar alle zintuigen tegelijk. Zien, horen, voelen, ruiken en proeven verschijnen gelijktijdig, gedragen door één bewustzijn. In zo’n ervaring ontstaat een diep gevoel van rust en centrering, alsof men geworteld is in een stille kern. Dit wordt beschreven als een innerlijk punt van rust en stilte, onafhankelijk van gedachten en externe omstandigheden. Geen verdoving, geen vlucht, maar een volledig aanwezig zijn in het leven zoals het zich aandient.

De kernboodschap is helder: innerlijke rust en mentale helderheid ontstaan niet door minder waarnemen, maar door vollediger bewust zijn. Door zowel de wereld als het bewustzijn zelf te omvatten, ontstaat een staat van ontspannen alertheid die wezenlijk verschilt van slaap, verdoving of afleiding. In een tijd waarin aandacht steeds verder wordt opgeëist en versnipperd, is het cultiveren van deze dubbele aandacht geen luxe, maar een noodzakelijke vorm van innerlijke zorg.

Zo nodigt deze benadering ons uit om terug te keren naar wat altijd al aanwezig is: het stille, open zijn waarin elk moment verschijnt. Niet als ontsnapping aan het leven, maar als een diepere, vrijere manier om het volledig te bewonen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

HOOFDSTUK 249: IS ER COMMUNICATIE MOGELIJK TUSSEN DE ZIEL EN DE PERSOONLIJKHEID

HOOFDSTUK 249 IK BEN De vraag of communicatie tussen ziel en persoonlijkheid mogelijk is, raakt aan een oud en diep spiritueel spanningsveld...